De echte les van Claude Mythos gaat niet over AI, maar over governance

David Brown, SVP International Business, FireMon

Zeventien jaar lang zat er een ernstig beveiligingslek in Free BSD’s netwerkcode voor file sharing. Hierdoor konden hackers op afstand codes uitvoeren in software die als betrouwbaar werd beschouwd voor kritieke infrastructuren. Totdat de kwetsbaarheid eerder dit jaar ontdekt werd door het AI-model Claude Mythos Preview.

Volgens Anthropic had Claude niets meer nodig dan de opdracht om een kwetsbaarheid op te sporen, die te vinden en er een werkende exploit voor te ontwikkelen. De kwetsbaarheid, geregistreerd als CVE-2026-4747, is een van de duizenden die Claude vond in besturingssystemen en webbrowsers. Naar aanleiding daarvan besloot Anthropic de toegang tot het model te beperken, in plaats van het breed beschikbaar te stellen.

In de weken daarna stond één term centraal bij reacties van toezichthouders, de reactie van het IMF en die van vrijwel alle AI security vendors: governance. Want de term governance vervult inmiddels verschillende functies tegelijk. Voor sommigen gaat het over het toezicht op wat een AI-model wel en niet mag doen. Voor anderen verwijst het naar de aparte discipline van het beheren van de toegang tot data: wie heeft toegang tot welke data. Steeds vaker is governance in directiekantoren en bij toezichthouders echter een verzamelterm geworden voor de algemene zekerheid dat iemand, ergens, de risico's beheert. Maar daarmee is nog niet gezegd dat het beveiligingsbeleid nog steeds aansluit bij het oorspronkelijke doel of de oorspronkelijke intentie van de organisatie.

Dit is geen pleidooi tégen governance als discipline. Vastleggen wie wat mag doen, en kunnen aantonen dat regels daadwerkelijk worden nageleefd, is de kern van security best practices. Het probleem is dat één begrip inmiddels allerlei verschillende functies dekt. Daardoor kan het management niet meer onderscheiden of een leverancier een concrete toezegging doet, of slechts een beleidskader en een gelikte presentatie laten zien. Wat ze zouden moeten weten van leveranciers is veel concreter en bovendien eenvoudig te toetsen: staan de policies precies toe wat ze zouden moeten, en is dat te verifiëren?

Waarom preventie moeilijker en beter is

Uit de Mythos-affaire trok vooral het IMF één heldere conclusie ten opzichte van policies: uiteindelijk zullen aanvallers altijd door de verdediging heen breken. Daarom moet weerbaarheid, dat wil zeggen het vermogen om te blijven functioneren wanneer een aanvaller toegang tot systemen heeft gekregen, de belangrijkste prioriteit zijn. Dat is een verstandig uitgangspunt. Maar weerbaarheid moet preventie aanvullen, niet vervangen. Preventie verkleint het aanvalsoppervlak door onnodige aanvalsroutes weg te nemen voordat ze kunnen worden misbruikt, terwijl weerbaarheid ervoor zorgt dat organisaties kunnen herstellen wanneer een aanval toch slaagt.

Preventie is lastiger, omdat zij bewijs vraagt vóórdat een aanval plaatsvindt: zijn alleen de beoogde access paths beschikbaar en sluiten de beveiligingsmaatregelen nog steeds aan bij het oorspronkelijke doel waarvoor ze zijn ontworpen? Weerbaarheid draait om de vraag of een organisatie een aanval kan doorstaan en daarvan kan herstellen. Preventie verkleint juist de kans op én de impact van een succesvolle aanval, door onnodige kwetsbaarheden weg te nemen voordat aanvallers daarvan misbruik kunnen maken.

Het dichten van het beveiligingslek in FreeBSD was nog geen preventie. Zodra de kwetsbaarheid openbaar was gemaakt, kon elk deskundig beveiligingsteam de patch binnen enkele dagen installeren. Maar daarmee werd alleen het specifieke lek verholpen dat het AI-model had ontdekt. De fundamentele vraag bleef buiten beeld: had de betreffende service – een protocol voor bestandsdeling dat oorspronkelijk is ontworpen voor interne netwerken – überhaupt vanaf buiten de organisatie bereikbaar moeten zijn? Het volgende lek in diezelfde service zou immers opnieuw een ingang voor aanvallers kunnen zijn.

Daarin schuilt het verschil tussen een gevonden lek dichten en de oorzaak ervan wegnemen. Een patch lost een concreet beveiligingslek op. Een beleidsbeslissing over wat een vanaf het netwerk bereikbare service wel en niet mag doen, bepaalt hoeveel nieuwe kwetsbaarheden er nog wachten om ontdekt te worden. Juist deze laag krijgt zelden aandacht wanneer zij haar werk goed doet, omdat er simpelweg niets misgaat.

Geen extra security controles, maar beheersen van controle

Het toevoegen van extra securitycontroles behandelt security als een verzameling maatregelen die boven op een infrastructuur worden gestapeld, terwijl die infrastructuur voortdurend verandert. Beheersing draait juist om iets anders: om het beleid dat die infrastructuur aanstuurt en uiteindelijk bepaalt of er op enig moment überhaupt mogelijkheden zijn voor een aanval.

De meeste organisaties hebben niet slechts één policy probleem - ze hebben er duizenden kleine. Denk aan firewallregels die zijn goedgekeurd voor een project dat twee jaar geleden is afgerond, of cloud security groups die zijn geopend voor een migratie die allang is voltooid. Wat in dit proces ontbreekt, is niet het beoordelingsvermogen op het moment dat beslissingen worden genomen, maar het eigenaarschap daarna.

De engineer die een firewallregel of uitzondering heeft onderbouwd, is vaak al naar een ander team waardoor bijvoorbeeld een tijdelijke uitzondering blijft bestaan, lang nadat het project waarvoor deze nodig was is afgerond. Niemand krijgt expliciet de verantwoordelijkheid om periodiek de vraag te stellen of een beslissing van vorig jaar nog steeds logisch en noodzakelijk is.

Elke regel die niet meer van toepassing is, tijdelijke uitzonderingen en onnodige access path maken het aanvalsoppervlak groter. Na verloop van tijd weerspiegelen beleidsregels niet langer de bewust gemaakte keuzes en doelstellingen van de organisatie, maar jaren van geleidelijke veranderingen. Moderne AI-systemen kunnen juist deze opgebouwde blootstelling aan risico's met machinesnelheid vinden.

Zodra een toegangsbeslissing is genomen, begint het echte werk. Organisaties moeten kunnen vaststellen dat wijzigingen in beleidsregels en configuraties er niet ongemerkt toe leiden dat verleende toegang verder gaat dan oorspronkelijk de bedoeling was.

Daarvoor is meer nodig dan documentatie. Securityteams moeten inzicht hebben in welke toegang in de praktijk daadwerkelijk mogelijk is, niet alleen in welke toegang volgens het beleid zou moeten zijn toegestaan.

Dat betekent dat beleidswijzigingen vooraf worden gevalideerd, dat continu wordt gecontroleerd of beleidsregels nog steeds aansluiten bij de oorspronkelijke bedrijfsdoelstellingen, en dat aantoonbaar kan worden gemaakt dat toegangsrechten – ook in hybride IT-omgevingen – nog altijd overeenkomen met de zakelijke behoefte waarvoor ze ooit zijn verleend.

Van reageren naar beheersen

Claude Mythos zal zeker niet de laatste in zijn soort zijn. De volgende generatie AI-modellen zal ongetwijfeld nog slimmer en sneller zijn. Veel organisaties gaan er nog altijd van uit dat we simpelweg beter zullen worden in reageren op dergelijke aanvallen. Maar die aanname verdient veel kritischer overwegingen.

De natuurlijke reflex is om te reageren met strengere governance. Die reflex is begrijpelijk, maar onvoldoende. Organisaties hebben zowel preventie als weerbaarheid nodig. Preventie beperkt risico's door ervoor te zorgen dat alleen de noodzakelijke toegangsrechten bestaan. Weerbaarheid zorgt ervoor dat de organisatie kan blijven functioneren wanneer een aanval toch slaagt. Beide zijn afhankelijk van inzicht: weten welke toegang is toegestaan, welke wijzigingen zijn doorgevoerd en of toegangsrechten nog steeds aansluiten bij het oorspronkelijke zakelijke doel. De waarde van governance zit niet in het vastleggen van beleid, maar in het kunnen bewijzen dat de werkelijkheid nog steeds overeenkomt met dat beleid.

David Brown, SVP International Business, FireMon

Meer over
Lees ook
Cloudflare OS is eerste AI-omgeving gebaseerd op hoe bedrijven werken

Cloudflare OS is eerste AI-omgeving gebaseerd op hoe bedrijven werken

Cloudflare introduceert met Cloudflare OS een open-source AI-omgeving die draait op haar wereldwijde netwerkinfrastructuur. Cloudflare OS biedt elke medewerker een veilige werkplek met AI-tools en toegang tot interne bedrijfssystemen, zonder dat er nieuwe infrastructuur of maandenlange maatwerkontwikkeling nodig is.

Cloudflare geeft AI-agents een digitale identiteit en portemonnee

Cloudflare geeft AI-agents een digitale identiteit en portemonnee

Cloudflare introduceert Cloudflare Wallets en cloudflare.id om AI-agents een stabiele identiteit te geven en de mogelijkheid om veilig online aankopen te doen binnen de grenzen die zijn gesteld door hun menselijke makers. Daarmee beschikken kopers en verkopers over de benodigde fundamentele bouwstenen om met vertrouwen deel te nemen aan agentische1

Xebia Axis nu beschikbaar: een 'agentic' dataplatform dat bedrijfsdata klaarstoomt voor AI

Xebia Axis nu beschikbaar: een 'agentic' dataplatform dat bedrijfsdata klaarstoomt voor AI

Xebia introduceert Xebia Axis: Agentic Data Foundation. Deze oplossing maakt bedrijfsdata in sneltreinvaart klaar voor AI. Door de snelheid van automatisering te combineren met strikt databeheer, verlopen migraties tot wel drie keer sneller dan bij traditionele, volledig menselijke trajecten, zónder verlies van datakwaliteit.